Interviews tijdens de Photokina

Tijdens de Photokina lopen er allerlei fotografen en merkambassadeurs rond. Zij vertellen meer over het werk dat ze doen en de producten die zij gebruiken. Wij kwamen onder andere fashionfotograaf Brendan de Clercq tegen. Hij vertelde ons meer over zijn werk met de nieuwe Profoto B10. Daarnaast spraken wij videograaf Philip Bloom over zijn ervaringen met de DJI Ronin-S en vertelt sportfotograaf Bob Martin meer over fotograferen tijdens de Olympiscche Spelen. Tot slot zijn er nog verhalen over Canon fotograaf Thorsten Milse die vertelt hoe het is om met een 600mm objectief de bergen in te gaan en vertelt Pep Bonet meer over zijn werk met de Nikon Z7. Hieronder leest u meer. 

Brendan de Clercq vertelt meer over de Profoto B10

Tijdens de Photokina is ook Brendan de Clercq, ambassadeur en gecertificeerd trainer van Profoto, van de partij. We treffen hem op de Profoto stand, waar hij geniet van een moment rust voordat hij een nieuwe demonstratie moet geven. Of hij even tijd had voor een mini interview? “Ja natuurlijk, laat maar komen.”

Brendan deelt zijn ervaringen met de B10

Natuurlijk zijn we razend benieuwd naar wat Brendan van de nieuwe Profoto B10 vindt. Hij heeft er het volgende over te zeggen:

“Om eerlijk te zijn bevalt de Profoto B10 heel erg goed.”

Als belangrijkste pluspunt noemt hij het formaat (hij is de helft kleiner dan de B1). “Je kunt ‘m dus heel makkelijk overal mee naartoe nemen.” Verder is hij te spreken over de kracht van de flitser (“Op vol vermogen kun je met de B10 wel 400 keer flitsen.”) en vindt hij het continulicht erg mooi. Daarnaast is de mogelijkheid om de kleurtemperatuur in te stellen (tussen 3000 en 6500K) volgens de Clercq een groot voordeel. Ook goed om te weten: bij de B10 wordt een statiefadapter meegeleverd, maar je kunt hem ook direct op een camera tripod plaatsen.

De voordelen hebben we besproken, maar waarvoor heeft Brendan de B10 zelf eigenlijk voor gebruikt? “Ik heb de B10 uitgebreid mogen testen en hem in de studio gebruikt voor fashionshoots. Daarnaast heb ik er Instagramfoto’s mee gemaakt en producten gefotografeerd.”

Bedien de Profoto B10 via de app

Het mooie is dat je de B10 ook via de app kunt bedienen, zo vertelt Brendan. “Je kunt er allerlei instellingen mee aanpassen. Zo kun je bijvoorbeeld het instellicht aan- en uitdoen, de kleurtemperatuur regelen en tevens kun je er hele mooie foto’s mee maken.” Belangrijk om te vermelden is dat de app op dit moment alleen beschikbaar is voor Apple.

Brendan op de Photokina

Tijdens de Photokina geeft Brendan diverse demonstraties, waar hij o.a. meer vertelt over het werken met de B10. Daarnaast laat hij zien wat verschillende lichtvormers met een foto doen. Dit doet hij door foto’s te maken van een model. De verschillende resultaten worden vervolgens getoond op het scherm.

We sluiten het interview af met de vraag hoe hij de Photokina tot nu toe ervaart. Zijn antwoord is resoluut: “Een gekkenhuis, het blijft maar groeien. Wat opvalt is dat mensen steeds meer de diepte in willen en meer op zoek zijn naar creativiteit. Iets waar ik natuurlijk heel enthousiast van word.”

 

Bob Martin over fotograferen met de Sony A9

Op de Photokina zijn talloze merkenambassadeurs aanwezig. Zo ook Sony ambassadeur en internationaal sportfotograaf Bob Martin. Bob staat bekend om zijn bijzondere, iconische stijl. Tijdens de Photokina geeft hij diverse korte presentaties. Wij waren erbij en stelden Bob een aantal vragen.

Fotograferen tijdens de Olympische Spelen

Bob vertelt dat fotograferen tijdens de Olympische Spelen niet meevalt. “Het is lastig om een goede foto te maken vanwege het gebrek aan ruimte. Je moet echt vechten voor een plekje.” Als voorbeeld noemt hij de Olympische Spelen in Rio en specifiek de 100 meter sprint. “Daar waren 590 fotografen aanwezig, het was bijna onmogelijk om een goede spot te bemachtigen.” Verder vertelt Bob dat hij, juist omdat er zoveel fotografen aanwezig zijn, altijd vroeg aanwezig moet zijn. Dat betekent vaak uren voordat de wedstrijd begint aanwezig zijn. En zelfs dan is hij niet altijd als eerste op de juiste plek.

Maar hoe maakt hij dan die iconische sportfoto’s?

“Het is belangrijk dat je de sport kent, zodat je kunt anticiperen op wat er gaat gebeuren. Vervolgens is het belangrijk om een ander perspectief te vinden. “Finding a different angle is key.” Verder gaat Bob soms meerdere keren terug naar dezelfde plaats om de juiste foto te maken of dezelfde foto nogmaals te maken. “Ik blijf proberen om de foto te verbeteren.” Verder let hij altijd goed op de achtergrond. Deze moet rustig zijn, tenzij het iets toevoegt aan de foto. Dit illustreert hij met een foto van Andy Murray die Wimbledon wint. Op de achtergrond van de foto is de Union Jack te zien. Een mooie toevoeging, aangezien Murray uit Engeland komt. Tot slot experimenteert Bob net zo lang met instellingen totdat hij de juiste foto heeft.

Sony gear

Sinds hij het prototype van de Sony A9 mocht testen, was Bob verkocht. “That’s my tool of choice.” Als je het Bob vraagt is een van de grootste voordelen van de A9 de silent shutter. “Deze functie maakt het mogelijk om foto’s te maken die ik normaal nooit had kunnen maken.” Als voorbeeld noemt hij dat hij naast Usain Bolt kan zitten als hij van start gaat. Zo wordt hij niet afgeleid door het geluid van de sluiter. Ook is Bob fan van de elektronische viewfinder, iets waar hij voordat hij ermee werkte nog huiverig voor was. “Wat je ziet door de viewfinder is wat je uiteindelijk ook te zien krijgt op je laptop en dat is enorm fijn.” Naast de silent shutter en de elektronische viewfinder is ook de Eye AF favoriet. “Daarmee heb ik in de meest onmogelijke situaties de ogen scherp in beeld.”

Objectieven

Qua objectieven werkt Bob natuurlijk grotendeels met telelenzen. “De 400mm is een standaard lens voor mij. Deze is perfect voor het werk wat ik uitvoer. Zelfs met een 2x converter erop is de beeldkwaliteit fantastisch.” Daarnaast is de 12-24mm een van zijn favoriete objectieven. “Die gebruik ik minder, maar het effect is groots.”

Philip Bloom vertelt meer over de DJI Ronin-S

Videograaf Philip Bloom begint zijn verhaal met het feit dat hij van apparatuur houdt en dat daar niks mis mee is. “Ik gebruik een heleboel apparatuur, waarschijnlijk te veel.” Dit zagen we terug op een foto die gemaakt is op de grens tussen Peru en Bolivia. Philip vertelt dat hij op die reis maar liefst tien koffers met gear bij zich had. Dit was voor een groot deel back-up materiaal, omdat ze niet in de gelegenheid waren om nieuwe apparatuur te kopen op de locatie waar ze waren.

Ronin-S

Dat Philip veel materiaal meeneemt als hij op pad gaat, staat dus buiten kijf. Daarom is het gewicht voor hem heel belangrijk. Dit brengt hem op de Ronin-S. “Deze gimbal is eigenlijk nog best wel zwaar, maar dat is te verklaren door de krachtige motoren die erin verwerkt zitten. Ik gebruik hem daarom altijd in combinatie met een lichtere camera, bijvoorbeeld uit de Sony A-serie.” Philip is over het algemeen enthousiast over de Ronin-S. Als een van de belangrijkste pluspunten noemt hij de positie van de achterste motor. “Deze is, in tegenstelling tot andere gimbals die ik heb gebruikt, laag gepositioneerd. Zo kun je het LCD-scherm van je camera nog zien.” Ook de ingebouwde tripod, waarmee je de Ronin-S neer kunt zetten, is een fijne feature volgens Philip. Daarnaast vindt hij ook het feit dat je moeiteloos gebruik kunt maken van de touch focus terwijl je camera aan staat enorm fijn.

Philip geeft tips

Philip benadrukt dat een gimbal geen vervanging is voor handheld en dat je zeker niet altijd een gimbal hoeft te gebruiken. Verder is stabiliteit het belangrijkste. “Je hoeft niet altijd te bewegen. In de meeste gevallen bereik je met een subtiele, kleine beweging het mooiste resultaat.” Ook geeft Bloom aan dat je niet gedreven moet worden door je gear. “Je bepaalt eerst je shot, dat bestaat uit een begin, midden en eind. Aan de hand daarvan kies je de juiste apparatuur.”

Nikon fotograaf Pep Bonet: "ik ben gek op de 58mm f/1.4 lens"

Voor zijn werk komt de Spaanse fotograaf Pep Bonet op plaatsen over hele wereld: Afrika, Azië en natuurlijk ook ‘gewoon’ in Europa. Voor het door Nikon ondersteunde fotopersbureau Nur (Arabisch voor ‘licht’) maakte hij onder meer indringende series over uitbuiting van kinderen en de veranderende positie van vrouwen in Bangladesh. Maar hij trok ook een tijdje op met hardrockers in Botswana. Daarnaast is hij de vaste fotograaf van de Britse rockband Motor Head.

Een objectief: de Nikon 58mm f/1.4

Opvallend in zijn verhaal is dat hij veel van die inhoudelijk behoorlijk ver uiteenlopende series maakte met maar een type lens. Neem de serie in Botswana. Daarvoor gebruikte hij op zijn D810 alleen de 58mm f/1.4. “Ik ben gek op die lens, echt. Ik wil niet meer met een ander objectief werken. Samen met Nikon helpen wij getalenteerde jonge fotografen zich te ontwikkelen en ik zeg tegen hen altijd: gebruik een type lens en verdiep je daarin, zorg dat je hem helemaal leert kennen. Vaak zie je dan dat ze alleen maar met die ene lens verder willen. Dat heb ik dus met die 58mm.” In Bangladesh deed hij weer alles met een 28mm groothoek. “Maar toen was die 58mm er nog niet."

Fotograferen met de Nikon Z7

Natuurlijk fotografeerde Bonet op verzoek van zijn sponsor met Nikons nieuwe systeemcamera, de Z7. “Die camera heeft me echt verrast. Vooral het lage gewicht en het ontbreken van een opklappende spiegel, gecombineerd met het stabilisatiesysteem. Dat zorgde ervoor dat ik uit de hand kon fotograferen met een sluitertijd van een halve seconde. Echt geweldig."

Canon’s EF 600mm f/4.0: draagbaar super teleobjectief

Hij staat zijn hele presentatie te zwaaien met zijn 600mm f/4.0 alsof het een dirigeerstokje is: Canon ambassadeur Thorsten Milse (Oostenrijk) is duidelijk heel blij met het nieuwe teleobjectief van Canon. Niet alleen met de nieuwe optiek, maar vooral met het gewicht. Het nieuwe super teleobjectief weegt iets meer dan drie kilo; de voorganger woog maar liefst 850 gram meer. Met de nieuweling ga je dus een stuk makkelijker de Alpen in en dat is precies wat Thorsten deed. Op hoogtes tussen de 2500 en 3000m meter fotografeerde hij talloze steenbokken en alpenmarmotten. “Dat kostte ook met deze lens op deze hoogte met ijlere lucht wel wat zweetdruppels hoor, maar toch ben ik blij dat dit exemplaar lichter is dan zijn voorganger."

Ongekend scherp beeld en snelle autofocus

Hoewel bokken en marmotten inmiddels wel gewend zijn aan de aanwezigheid van mensen, heb je voor het close-up fotograferen van de steenbokken toch wel een teleobjectief nodig. De dieren rennen niet weg, maar al te dichtbij vinden ze ook niet prettig. “Met de 600mm kon ik prachtige foto’s maken,’’ vertelt Milse. “Vooral van de scherpte en de snelle AF werd ik heel enthousiast.” De foto’s die hij op een groot scherm projecteert, bevestigen dit. De bruine dieren met hun lange hoorns staan er haarscherp op, met een fraaie, romige onscherpe achtergrond. En dat zonder kleurranden, ook bij hoog contrast.

“Voor het fotograferen van alpenmarmotten heb je eigenlijk geen 600mm nodig,’’ aldus Milse. “Die zijn zo aan mensen gewend. Ze kennen waarschijnlijk iedereen die op deze alpenwei op bezoek is geweest is bij naam. Ze eten uit je hand." Ondertussen laat hij foto’s zien van een alpenmarmot die op zijn gemak aan de voet van Milses statief in het zonnetje ligt, terwijl de fotograaf bezig is. De beesten vinden het kennelijk ook erg leuk om in de grote zonnekap van de lens te kruipen. “Daar zijn die zonnekappen dus eigenlijk voor,’’ verklapt hij lachend.

5-stops stabilisatie

Met dit objectief kun je ook uit de hand leuke foto’s maken van deze grappige diertjes, vertelt Thorsten. “Natuurlijk is ook deze lens uitgerust met Canons Image Stabilizer (IS). Maar mede door het lagere gewicht stabiliseert deze lens nu tot maar liefst 5 stops.” De beelden laten het zien: ook bij minder licht in de avond of bij bewolking gestoken scherp en contrastrijk. “En dat allemaal zonder nabewerking,” benadrukt hij.

 

Terug naar de overzichtspagina